Between Loss and Hope - essay on Place Grief

Author:

Roos Gerritsma

Tussen Verlies en Hoop: Een verkenning van de rol van leisure- en toerisme professionals bij het omgaan met gebiedsrouw door betekenisvolle ervaringen tijdens stedelijke transities

Een reflectief essay, geschreven door Roos Gerritsma (PD-kandidaat en lab lead Urban Leisure & Tourism Lab Amsterdam (Noord), met hulp van ChatGPT*.

Dit essay is geen eindpunt, maar een work in progress en een uitnodiging aan iedereen om ruimte te maken voor gebiedsrouw in steden en gemeenschappen die te maken hebben met verschillende vormen van transformatie. De komende jaren zullen we verschillende aspecten van deze specifieke vorm van rouw verder verkennen en ervaren. Extra dank gaat uit naar regenerator Dr. Dominique Hes, collega Esther Bouw en afstudeerstudente Leisure-en Events Management Jenny Lin.

“We gaan voor de ja-mensen”

Deze uitspraak was een van de conclusies van een groep toerismeprofessionals in de stad Amsterdam, die deelnamen aan een workshop over regeneratie (Ensut, 2024). De uitspraak bleef steeds opnieuw in mijn gedachten opduiken. De boodschap van de toerismeprofessionals was duidelijk: werk samen met mensen die bereid zijn om zich in te zetten, te innoveren en gezamenlijk nieuwe toekomsten te creëren. Toch riep deze uitspraak bij mij ook een ongemakkelijke vraag op. Hoe zit het met de mensen die nee zeggen?

Hoe zit het met degenen die stedelijke verandering niet als een kans ervaren, maar als verlies? Hoe zit het met bewoners die hun eigen buurt niet meer herkennen, die vertrouwde gebouwen zien verdwijnen, die sociale netwerken zien uiteenvallen of die zich steeds minder verbonden voelen met de plek die zij ooit hun thuis noemden?

Als onderzoekers en professionals die werken aan stedelijke regeneratie, placemaking en toerismeontwikkeling, zien we transformaties vaak als iets positiefs. We praten over innovatie, duurzaamheid, veerkracht en het vormgeven van de toekomst. Veel minder aandacht gaat uit naar wat er tijdens dat proces verdwijnt of lijkt te verdwijnen, hoe subjectief ook.

Dit essay verkent het concept gebiedsrouw (Gerritsma, Bouw & Hes, 2024) en reflecteert op de rol die leisure- en toerismeprofessionals zouden kunnen spelen bij het ondersteunen van gemeenschappen die tijdens stedelijke transities ervaringen van verlies doormaken. Op basis van onderzoek, co-creatieve ontwerpervaringen in Amsterdam-Noord en opkomende wetenschappelijke inzichten rond rouw, plaatsgebondenheid en stedelijke transformatie, betoog ik dat leisure- en toerismeprofessionals hierin mogelijk een belangrijke, maar grotendeels onderbelichte rol hebben. Niet als aanjagers van verandering, maar als facilitators van betekenisgeving, herinnering en collectieve hoop. Niet alleen hoop, maar het bewust ontwerpen voor hoop en het cultiveren van praktijken van actieve hoop in processen van stedelijke verandering (Macey & Johnstone, 2022; Hes & Plessis, 2015).

Stedelijke transities en de ervaring van verlies

Steden zijn levende systemen. Ze zijn nooit af; ze zijn voortdurend in wording (Lin, 2026). In heel Europa ondergaan steden tegelijkertijd meerdere transities. Woningtekorten, klimaatadaptatie, energietransities, demografische veranderingen en economische herstructurering veranderen stedelijke omgevingen in een ongekend tempo. Amsterdam-Noord is hier een voorbeeld van. Voormalige industrieterreinen zijn getransformeerd tot woongebieden, nieuwe bevolkingsgroepen blijven arriveren en bestaande sociale en ruimtelijke structuren worden opnieuw vormgegeven. Daarnaast is Amsterdam-Noord aangewezen om uit te groeien tot een van de nieuwe stadscentra, mede met het oog op het spreiden van het aantal bezoekers aan de stad (Gemeente Amsterdam, 2022).

Hoewel veel mensen deze ontwikkelingen toejuichen, ervaart niet iedereen ze als positief. Stedelijke transities creëren vaak winnaars en verliezers. Nieuwe investeringen kunnen voor sommigen de kwaliteit van leven verhogen, terwijl ze bij anderen gevoelens van verdringing, uitsluiting of vervreemding veroorzaken. Bewoners kunnen rouwen om het verdwijnen van vertrouwde landschappen, sociale relaties, culturele praktijken of buurtidentiteiten.

Bewoners van Amsterdam-Noord hebben geuit dat zij door de transitie van hun stadsdeel hun gevoel van thuis verliezen. Ik kom dergelijke uitingen regelmatig tegen, bijvoorbeeld via (lokale) sociale media, in contact met actiegroepen en beleidsmakers en via onze labstudenten die, met name in het Buikslotermeerpleingebied actief zijn (Gerritsma, Horgan, Bouw, 2024). Dergelijke emotionele reacties worden steeds vaker beschreven aan de hand van begrippen als place attachment, place loss en place grief (gebiedsrouw).

Place attachment verwijst naar de emotionele, sociale en symbolische banden die individuen en gemeenschappen ontwikkelen met plekken (Scannell & Gifford, 2010). Wanneer plekken ingrijpende transformaties ondergaan, kunnen deze banden worden verstoord. Albrecht (2005) introduceerde het concept solastalgia om het verdriet en de ontreddering te beschrijven die mensen ervaren wanneer hun thuisomgeving verandert terwijl zij fysiek op die plek blijven wonen. Anders dan nostalgie, waarbij sprake is van een verlangen naar een plek die men heeft verlaten, verwijst solastalgia naar de rouw die wordt ervaren wanneer de plek zelf om je heen verandert.

Ondanks de groeiende academische aandacht blijft gebiedsrouw grotendeels afwezig in de praktijk van stedelijke ontwikkeling. Planningsprocessen bevatten regelmatig participatie, consultatie en co-designactiviteiten. Toch erkennen zij rouw zelden als een legitieme reactie op verandering waar bij kan worden stilgestaan. Er is vaak ruimte om toekomstvisies te bespreken, maar weinig ruimte om te rouwen om wat verloren is gegaan.

Regeneratie als heling en herstellende praktijk

Mijn eigen begrip van dit vraagstuk begon te veranderen tijdens een professionele training, die ging over het overstijgen van polarisatie (Really Regenerative Centre, 2024), gericht op regeneratieve verzoening en gebiedsontwikkeling. Tijdens een van de oefeningen werd deelnemers gevraagd zich voor te stellen hoe steden de verhalen van verwijdering tussen mens en natuur, en tussen mensen onderling, zouden kunnen helen. De oefening suggereerde dat regeneratieve toekomsten niet uitsluitend draaien om ecologisch herstel, maar ook om sociale inclusie, veerkracht van gemeenschappen, verbondenheid en heling. Destijds vond ik het concept van heling inspirerend, maar tegelijkertijd nog erg abstract.

Hoe helen plekken en hun gemeenschappen precies? Hoe kunnen stedelijke professionals bijdragen aan heling wanneer de systemen waarin zij werken vaak gericht zijn op efficiëntie, groei en meetbare resultaten? Gaandeweg begon ik me te realiseren dat regeneratie niet alleen draait om het creëren van iets nieuws. Het gaat evenzeer om het erkennen van wat beschadigd, verwaarloosd of verloren is gegaan. In die zin vereist regeneratie dat we de confrontatie met rouw aangaan.

Dit inzicht sluit sterk aan bij Flatlands beschrijvingen van verschillende rollen tijdens transities (2026) en het werk van Machado de Oliveira over Hospicing Modernity (2021). Beiden beschrijven de rol van de hospicewerker als iemand die het sterven van een oud systeem begeleidt. In plaats van verval te ontkennen of zich vast te klampen aan het verleden, eert de hospicewerker wat er was, erkent diegene de pijn die met verandering gepaard gaat en helpt mensen transities met waardigheid en zorg te doorlopen. Een hospicewerker erkent de waarde van wat er is geweest en helpt mensen om dit op een zachte manier los te laten. Hospicewerkers begrijpen dat rouw onderdeel is van de transitie, zijn empathisch, zijn vaardig in het begeleiden van rituelen, ceremonies of tradities en zorgen ervoor dat het verleden op een waardige manier wordt afgesloten.

Zouden leisure- en toerismeprofessionals in zekere zin als hospicewerkers voor plekken kunnen functioneren? Zou dit onderdeel kunnen zijn van de herstellende fase op weg naar regeneratie? Zie onderstaande afbeelding, vertaald door ChatGPT, origineel in het Nederlands (Regenerative Futures, 2026).

Leisure- en toerisme professionals als facilitators van betekenisgeving

Traditioneel worden leisure en toerisme geassocieerd met plezier, entertainment, experience design en memorabele ervaringen. Terwijl leisure en toerisme een veel bredere maatschappelijke rol en impact hebben. Ervaringen kunnen een gevoel van verbondenheid bevorderen, identiteit versterken, dialoog stimuleren en bijdragen aan gemeenschapsontwikkeling. Als stedelijke transities zowel emotionele als ruimtelijke veranderingen met zich meebrengen, hebben leisure en toerisme professionals wellicht een rol die verder gaat dan het creëren van aantrekkelijke ervaringen. Misschien kunnen zij lokale gemeenschappen en bezoekers helpen om veranderingen in hun leef-en recreatieomgeving te verwerken en te duiden ?

Dit betekent niet dat zij therapeuten of sociaal werkers moeten worden. Het suggereert eerder dat zij situaties kunnen ontwerpen waarin mensen verhalen kunnen delen, kunnen reflecteren op transformaties en gezamenlijk kunnen uitwisselen over de betekenissen die zij aan veranderende plekken toekennen. Ervaringen worden betekenisvol wanneer ze resoneren met identiteit, herinnering en waarden. Dit perspectief verschuift de aandacht van consumptie naar verbinding. De concepten herinnering, identiteit en plek vormen belangrijke thema’s binnen literatuur of geografische thema’s (Ratman, 2018), omdat ze mensen met plekken verbinden. Herinneringen omvatten verhalen over het verleden die in het heden worden verwoord en die van invloed kunnen zijn op de manier waarop identiteiten worden gevormd. De raakvlakken tussen herinnering en identiteit kunnen ons aanzetten om na te denken over hoe we plekken ervaren en/of hebben ervaren. Lokale kunstenaars gebruiken hun werk vaak om de identiteit van een gebied te verbeelden. Onderzoek naar plaats specifiek ontwerp suggereert dat bewoners vaak de meest authentieke vertellers van hun omgeving zijn vanwege hun doorleefde ervaringen en contextuele kennis (Zukin, 2010).

In de context van stedelijke transities en (regeneratief) toerisme kunnen betekenisvolle ervaringen bewoners de mogelijkheid bieden om te verwoorden wat een plek voor hen betekent, wat zij vrezen te verliezen en waarop zij hopen voor de toekomst. Omgekeerd kan dit bezoekers helpen om de plek die zij bezoeken beter te begrijpen en er een diepere verbinding mee te ontwikkelen.

Leren van Amsterdam-Noord

Samen met studenten en collega’s van het Urban Leisure & Tourism Lab was ik betrokken bij de co-creatie van verschillende interventies in Amsterdam-Noord die dit potentieel illustreren:

  • Via een interactieve installatie van de tentoonstelling Steel, Stones and Voices (2025) in Museum Amsterdam Noord werden bezoekers uitgenodigd om te reflecteren op industrieel erfgoed dat door stedelijke herontwikkeling was verdwenen. Deelnemers deelden herinneringen, associaties en ideeën over het toekomstige gebruik van de resterende industriële locaties.
  • Tijdens het evenement 24 Uur Noord (2025, DMO Amsterdam&Partners) verkenden bezoekers vroegere, huidige en toekomstige versies van het Buikslotermeerplein door middel van virtual reality-ervaringen, historische beelden en begeleide gesprekken over wat behouden zou moeten blijven en wat zou moeten veranderen.
  • Bewoners als verhalenvertellers maken deel uit van verschillende interventies van het lab, bijvoorbeeld via podcasts op de verhalenbankjes op het HEMA-plein (2024) en bij Museum Amsterdam Noord (2025). Onder begeleiding van professioneel verhalenverteller Berber Hidma werden bewoners tijdens onze feestelijke avondmarkt (december 2025) gevraagd hun verhalen over Amsterdam-Noord te delen.

Hoewel deze interventies qua vorm van elkaar verschilden, deelden zij een gemeenschappelijk kenmerk. Ze creëerden ruimtes waarin verlies en het vormgeven van de toekomst naast elkaar konden bestaan. Een van de voor mij meest verrassende uitkomsten van de laatstgenoemde interventie was de bereidheid van mensen om deel te nemen. Bezoekers namen vaak uitgebreid de tijd om herinneringen, zorgen en hoop te delen. Er ontstonden niet alleen gesprekken tussen deelnemers en facilitators, maar ook tussen bewoners onderling.

Wat zichtbaar werd, was niet simpelweg nostalgie. Deze ontmoetingen legden eerder een diepgaande behoefte aan erkenning bloot. Erkenning dat gevoelens van verlies legitiem zijn. Erkenning dat stedelijke transformatie niet alleen een technisch proces is, maar ook een emotioneel proces.

Van placemaking naar regeneratieve placemaking/gebiedsontwikkeling

Recent onderzoek naar placemaking biedt aanvullende inzichten in waarom dergelijke interventies ertoe doen. Feola et al. (2023) conceptualiseren placemaking als een voortdurende interactie tussen collectieve herinneringen, toekomstvisies en de framing van plekken. Plekken krijgen betekenis door de dynamische relatie tussen de manier waarop ze worden herinnerd, voorgesteld en gerepresenteerd. Dit benadrukt dat de toekomst niet los kan worden gezien van het verleden. Toekomstvisies bouwen voort op collectieve herinneringen, terwijl collectieve herinneringen van invloed zijn op de manier waarop mensen toekomstige mogelijkheden interpreteren.

Vanuit regeneratief perspectief is placemaking alleen wellicht echter niet voldoende. Regeneratieve placemaking gaat verder dan het creëren van aantrekkelijke of levendige plekken (Hes et al., 2020; Gerritsma, 2025). Het streeft ernaar relaties tussen mensen, gemeenschappen en ecosystemen te versterken en tegelijkertijd langdurig rentmeesterschap (collectief zorgdragen) en wederkerigheid te bevorderen. Een dergelijke benadering vereist dat ongemakkelijke emoties naast ambities en kansen worden erkend. Ze vraagt niet alleen wat voor soort plek we willen creëren, maar ook welke vormen van heling/herstel mogelijk nodig zijn voordat transformatie kan worden omarmd.

Rouw, betekenis en collectieve hoop

Inzichten uit onderzoek naar rouw werpen verder licht op dit proces. Hoewel het door Kübler-Ross (1969) ontwikkelde model van de vijf fasen van rouw nog altijd algemeen bekend is, benadrukt later werk van haar en Kessler (2005) dat rouw geen lineair proces is. Individuen bewegen op verschillende manieren en op verschillende momenten door verschillende emoties heen.

Belangrijk is dat Kessler (2019) een zesde fase voorstelt: betekenis. Betekenis vinden neemt het verlies niet weg. Het stelt mensen eerder in staat om verlies te integreren in het voortdurende verhaal van hun leven. Dit inzicht kan bijzonder relevant zijn voor stedelijke transities. Reckwitz (2025) laat zien hoe verlies een inherent onderdeel is van de moderniteit in het algemeen en hoe het geloof in voortdurende vooruitgang niet langer vanzelfsprekend is.

Gemeenschappen hoeven gebiedsrouw niet noodzakelijkerwijs te overwinnen. Misschien hebben zij juist mogelijkheden nodig om rouw om te zetten in gedeelde betekenis. Hier kunnen leisure- en toerisme-interventies een bijdrage leveren. Door middel van storytelling, erfgoedinterpretatie, participatieve kunst, rituelen, het gezamenlijk creëren van nieuwe lokale tradities, tijdelijke installaties, festivals en community-based ervaringen kunnen omstandigheden worden gecocreerd waarin herinneringen worden erkend en tegelijkertijd toekomstige mogelijkheden worden verkend. In die zin worden betekenisvolle ervaringen mechanismen voor collectieve betekenisgeving.

Naar een regeneratieve leisure- en toerismepraktijk

De hier beschreven ervaringen hebben mijn begrip van het leisure- en toerismevak deels veranderd. Steeds meer zie ik leisure en toerisme professionals niet in de eerste plaats als producenten van ervaringen, maar als facilitators van relaties en systeemverandering. Zij verzamelen verhalen voordat die verdwijnen. Zij creëren ontmoetingen tussen groepen die elkaar zelden tegenkomen. Zij maken onzichtbare emoties zichtbaar. Zij ontwerpen rituelen/tradities die gemeenschappen helpen het verleden te eren en tegelijkertijd de toekomst tegemoet te treden. Binnen regeneratieve stedelijke transities gaat hun rol daarom wellicht minder over het versnellen van verandering en meer over het menselijker maken ervan.

Mijn Lab Loops for Life-framework (Gerritsma, 2025) weerspiegelt deze oriëntatie. Door onderwijs, cocreatie, experimenteren en betrokkenheid van de gemeenschap via iteratieve loops met elkaar te verbinden, positioneert het urban living lab zich als facilitator van regeneratieve processen in plaats van als aanbieder van vooraf bepaalde oplossingen. Dergelijke benaderingen erkennen dat transformatie ontstaat door relaties, dialoog en collectief leren.

Conclusie: Hospicewerkers voor plekken worden?

Het concept gebiedsrouw nodigt ons uit om na te denken over de manier waarop we stedelijke transities benaderen. Als steden levende systemen zijn, brengt transformatie onvermijdelijk zowel verlies als creatie met zich mee. Sommige plekken verdwijnen. Sommige identiteiten veranderen. Sommige verhalen vervagen. Het negeren van deze ervaringen brengt het risico met zich mee dat gevoelens van vervreemding en polarisatie worden versterkt. Het erkennen ervan kan daarentegen wegen openen naar verbinding, heling/herstel en collectieve hoop.

Dit brengt me terug bij de vraag waarmee deze reflectie begon.

Hoe zit het met de mensen die nee zeggen?

Misschien verzetten zij zich niet tegen verandering zelf. Misschien vragen zij om erkenning van wat verloren gaat? Als regeneratie uiteindelijk draait om het herstellen van plekken en relaties, dan kan het essentieel zijn om naar deze stemmen te luisteren. In die context wordt de leisure- en toerisme professional meer dan een ontwerper van ervaringen. Diegene wordt een facilitator van herinnering, dialoog en betekenisgeving. Een brug tussen herinnering en verbeelding. Tussen rouw en actieve hoop. Misschien worden zij in tijden van ingrijpende stedelijke transformatie zelfs (mede) hospicewerkers voor plekken.

Ik schreef dit reflectieve essay halverwege mijn PD-traject (juni 2026). In de tweede helft van mijn traject zal ik blijven zoeken naar manieren om de kerninzichten uit dit essay te delen met mijn collega’s, studenten, de ecosystemen van het ULT-lab Amsterdam en collega-professionals.

*Omdat dit essay – in essentie – gaat over reflecteren op het omgaan met verandering, wilde ik mezelf uitdagen om AI te gebruiken voor dit essay. Ik gebruik ChatGPT eigenlijk vrijwel nooit, misschien omdat ik er niet aan gewend ben en gemengde gevoelens heb over de resultaten – omdat het nooit precies is zoals ik het zelf zou willen – vanwege het extractieve karakter ervan, waarbij gebruik wordt gemaakt van datacenters en bronnen die niet altijd op een correcte academische manier worden vermeld. Misschien ook omdat AI voor mij nog erg nieuw is, me angst inboezemt (ik weet nog niet goed hoe ik dit LLM moet zien) en ook omdat ik gehecht ben aan de uren, dagen, maanden die ik kon besteden aan het schrijven van teksten, zoals bij mijn eerste PD-boekje. Het geeft me dan een gevoel van plezier om iets nieuws te kunnen creëren, gebaseerd op bestaande bronnen en nieuwe data en/of inzichten.

Het gebruik van AI bracht een ander soort plezier teweeg; ik was oprecht verbaasd over de snelheid waarmee het mijn input tot één geheel samenbracht – letterlijk binnen enkele seconden (!). Hoewel ik dit essay nog wel verder moest verrijken en vier andere versies heb ontwikkeld, ben ik behoorlijk tevreden met deze versie. ChatGPT leek tussen de regels door te kunnen lezen en creëerde een samenhangend verhaal door mijn aangeleverde input, prompts en online gevonden materiaal met elkaar te verbinden.

Ik vermoed dat ik zelf ook een transitiefase inga en leer om AI op een betekenisvolle en regeneratieve manier te gebruiken.

 

Bronnen

Albrecht, G. (2005), Solastalgia. A New Concept in Health and Identity, Chicago (16th edition)

Bouw, E. (2024). Gebiedsrouw: van rouw naar WOW in stedelijke transformatie, https://www.ultlabamsterdam.nl/2025/01/08/gebiedsrouw/

Ensut (2024) Barcamp over regeneratief toerisme, https://www.ensut.eu/nl/2024/04/18/ensut-barcamp-over-regeneratief-toerisme/

Gemeente Amsterdam b, (2022). – Visie bezoekerseconomie Amsterdam 2035. Available from: https://openresearch. amsterdam/nl/page/90775/visie-bezoek erseconomie-amsterdam-2035 – accessed 01.06.2026

Gerritsma, R., Bouw E. & Hes, D. (2024) Place and Grief , https://www.ultlabamsterdam.nl/2024/12/19/place-and-grief/

Gerritsma,R., Horgan, D. & Bouw, E. (2024) Place Exploration & Sense Making Tool, INH_24_ULTL_placemaking_tool_v0.8 (updated version, original version Gerritsma, R. 2022)

Gerritsma, R. (2025) Activating a regenerative urban tourism approach: practices and interventions via a lab setting in Amsterdam North – a theoretical and practice- based paper for all who are interested in regenerative development, urban tourism and living lab settings, Inholland

Feola, G., Goodman, M. K., Suzunaga, J., Soler, J.  (2023). Collective memories, place-framing and the politics of imaginary futures in sustainability transitions and transformation. Geoforum, 138, Artikel 103668. https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0016718522002524#ab005 Accessed, 11.06.2026

Flatland (2026) Rollen binnen transities, https://flatland.nl/rollen-binnen-transities/ – accessed 12.06.2026

Hes, D. & du Plessis, C. (2015). Designing for Hope. Pathways to Regenerative Sustainability, Routledge

Hes, D., Hernandez-Santin, C., Beer, T., & Lo, L. (2020). A new model for place development – bringing together regenerative and placemaking processes. In R. Roggema & A. Roggema (Eds.), Smart and sustainable cities and buildings (pp. 319–330). Springer International Publish ing. https://doi.org/10.1007/978-3-030 37635-2_22.

Kessler, D. (2019). Finding Meaning: The Sixth Stage of Grief. Scribner.

Kübler-Ross, E. (1969). On death and dying. The Macmillan Company.

Kübler-Ross, E., & Kessler, D. (2005). On grief and grieving: Finding the meaning of grief through the five stages of loss. Simon and Schuster.

Lin, J. (2026) Place Grief, concept afstudeerscriptie, Inholland.

Machado de Oliveira, V. (2021). Hospicing Modernity: Facing Humanity’s Wrongs and the. Implications for Social Activism. London: Penguin Random House

Macy, J., & Johnstone, C. (2022). Active hope: How to face the mess we’re in with unexpected resilience and creative power (Revised ed.). New World Library. (Original work published 2012)

Ratman, C. (2018) Creating home: Intersections of memory and identity, Geography Compass – Wiley Online Library, https://compass.onlinelibrary.wiley.com/doi/abs/10.1111/gec3.12363

Really Regenerative Centre (2024), Beyond polarization -a learning journey in regenerative reconciliation, https://reallyregenerative.org/beyond-polarisation/, accessed 12.06.2026

Reckwitz, A. (2025). Verlies: Een fundamenteel probleem van de moderniteit (H. Stegeman, Vert.). Boom. (Origineel werk gepubliceerd in het Duits, in 2024)

Regenerative Futures (2026), Welkomsbrief Toekomstbeelden om op te bouwen, https://preview.mailerlite.io/emails/webview/285153/189981159798605240

Scannell, L., & Gifford, R. (2010). Defining place attachment: A tripartite organizing framework. Journal of Environmental Psychology, 30(1), 1–10.

Zukin, S. (2010). Naked city: The death and life of authentic urban places. Oxford University Press.

phase towards regeneration? See image below, translated by ChatGPT, original in Dutch (Regenerative Futures, 2026).